maurits335 Dag 19: Maurits Hendriks: “Het is toch wel een heel mooi jaar”
sotchi970 team

Dag 19: Maurits Hendriks: “Het is toch wel een heel mooi jaar”

Hij houdt er eigenlijk helemaal niet van, de technisch directeur van NOC*NSF. Terugkijken, feestjes vieren, eindeloos nabeschouwen en de onvermijdelijke schouderklopjes incasseren. Maurits Hendriks is altijd bezig met morgen en overmorgen. Dan moet het weer harder, sneller, hoger, beter. Dat is topsport aan de basis. Beter zijn dan gisteren. Wat gewonnen is moet worden verdedigd, waar verloren is moet worden gewerkt. Hij begrijpt de behoefte aan de huldigingen in het Holland Heineken House, het Welkom Thuis, een gala en alle andere plichtplegingen, maar diep in zijn hart is het verloren trainingstijd. Of rusttijd. Of voorbereidingstijd.

Maar het publiek heeft recht op zijn helden. Publiek hoort net zo bij topsport als trainen of dopingcontrole. En anders hoort ontladen van een atleet er wel bij. Dagelijks togen ze in Sochi naar het feestpaleis iets verderop. “Je moet het ook vieren”' was een veelgehoorde kreet in het Olympisch Dorp. Meestal bleef Hendriks op zijn post in het appartement. Met andere coaches of atleten. Praten over morgen. Het prestatieklimaat bewaken. 'Iedereen heeft recht op hetzelfde prestatieklimaat, van de eerste tot de laatste dag', was de eerste regel die hij aan zijn atleten meedeelde.

Ongeveer een jaar lang was aan de inrichting van dat onderkomen gewerkt. Over ieder detail was gewikt en gewogen. Van de M line-matrassen, de Gazelle-fietsen, het eigen krachthonk onderin het appartement van de ploeg, de afstand tot de eetzaal en de mandjes in de badkamer. De route van het vliegveld naar het dorp was eindeloos getest voordat de eersten kwamen. Elk detail dat ook maar iets kon betekenen op weg naar de prestatie was ingevuld.

Het deed Hendriks goed dat op de maandagavond voordat het losging in Sochi Sven Kramer en Mark Tuitert op zijn kamer langs kwamen voor een kop koffie en tussen neus en lippen zich lieten ontvallen dat het tip top voor elkaar was. “We hoeven alleen nog maar te schaatsen, er is echt niks te zeiken,” dat was ongeveer de boodschap. “Dat was wel echt een bijzonder moment. Het klopte. Daar hadden we met zijn allen hard aan gewerkt. Begrijp me goed, we hebben er geen medaille door gewonnen. Dat doen de sporters en hun staf helemaal zelf. Wij zijn van de ondersteuning, het faciliteren, het uitdagen, het prikkelen, het motiveren, het aanjagen. Maar presteren doet de sport zelf. Maar als die twee vier dagen voordat het begint dat even komen zeggen, weet je dat het goed is.”

Hendriks zal het nu nooit zelf hardop zeggen maar vermoedt dat over een groot aantal jaren in zijn schommelstoel 2014 nog wel eens voorbij zal komen. De grootsheid van het machtsvertoon in de Adler Arena is ongekend. “Maar niet alleen Sochi. Het was echt een bijzonder jaar. Op een behoorlijk aantal mondiale topevenementen hebben wij uit dat kleine landje ons voortreffelijk gepresenteerd. Misschien moet ik daar dan ook maar eens iets vaker bij stil staan.”
 
Nederland wordt er internationaal om geroemd. In Sochi meldden diverse Olympische comités zich om meer te horen over de successen. Er wordt gesproken van een “Dutch Model”. Efficiency speelt daar een grote rol in. Internationaal vergeleken kosten de Nederlandse medailles minder geld. En uiteraard is in vele gevallen de vijver waaruit talent kan worden gevist veel groter. Maar het fijnmazige sportsysteem in Nederland met zijn fraaie infrastructuur en duizenden clubs, strak georganiseerde bonden staan nog altijd borg voor voldoende aanwas.

Hij kan niet kiezen voor een moment. Je mag het hem eigenlijk ook niet vragen dat te doen. Welke keuze hij ook maakt, altijd zal iemand zich tekort gedaan voelen. Het nadeel van zijn functie. Toch doet hij het nu op verzoek. Met de nadrukkelijke boodschap dat in dat moment alles zit van het sterke afgelopen sportjaar. Het benadrukt dat er verschrikkelijk veel werd gewonnen. “Het was ergens aan het einde in Sochi. Ireen Wüst was toen nog de ongekroonde koningin van de Spelen. We gingen huldigen en ze had het zwaar. Heel zwaar. 'Hé Maurits, wanneer mogen die dingen effe af. Ik krijg een stijve nek'. Daar stond ze. Vijf Olympische medailles om haar nek. Vijf! Een atlete uit Nederland. Uit onze ploeg. Dat moment is 2014 in een notedop. Uniek.”
Deel dit via: