Sportaanbiedersmonitor

De Sportaanbieders Monitor is een monitor die sinds 1998 tweejaarlijks aan een representatieve groep sportverenigingen in Nederland wordt voorgelegd. Voorheen heette de Sportaanbiedersmonitor de Verenigingsmonitor. Deze is voor het laatst samen met het Mulier Instituut uitgebracht in 2009. Sindsdien staat de Sportaanbiedersmonitor specifiek voor de monitoring van sportclubs voor en door NOC*NSF.  

Om nog meer te kunnen begrijpen wat er speelt, is de Sportaanbieders monitor vanaf 2015 onderdeel van een breder palet aan metingen onder sportclubs in Nederland. Naast tweejaarlijkse grote metingen worden hier kwartaalmetingen en andere specifieke metingen aan toegevoegd in combinatie met nieuwe manieren in het doen van onderzoek.

Het geheel wordt door NOC*NSF, sportbonden en gemeentelijke instanties gezamenlijk ontwikkeld en uitgevoerd. Alle onderwerpen die van belang zijn voor een club of vereniging komen aan bod. Ook is er ruimte voor ‘storytelling’, hetgeen de overwegend kwantitatieve gegevens verrijkt. De doelstelling is enerzijds om trends te volgen en ontwikkelingen te zien, maar anderzijds ook om deze ontwikkelingen te verklaren.

Deze rapportage is opgebouwd uit twee onderdelen. Het eerste gedeelte van dit document gaat in op de belangrijkste resultaten, weergegeven als ‘ontwikkelingen’ (analyse van de resultaten uit 2015 in vergelijking met die van 2012) en ‘verdieping’ (ver gaande analyse op bepalende factoren van gezondheid van sportclubs).

Het tweede gedeelte van dit document geeft de werkelijke resultaten per onderdeel van het onderzoek weer. Dit kan beschouwd worden als de achterliggende informatie voor de beschreven ontwikkelingen en verdieping.

Enkele resultaten:

  • De top 5 belangrijkste onderwerpen binnen sportclubs veranderen niet. Wel is er een tendens naar meer samenwerking met andere (niet) sportclubs.
  • Er wordt door clubs meer gezocht naar nieuwe/creatieve mogelijkheden om meer leden te werven.
  • Op financieel gebied, leiden de stijgende kosten, gebrek aan sponsors en de afnemende subsidies tot de grootste zorgen. Ondanks dat ziet twee derde zichzelf als financieel gezond.
  • 40% van de clubs is gezond op gebied van leden, 21% op financieel gebied.
  • Gezonde clubs creëren significant meer verbeteringen in technisch kader/personeel. Zowel om leden te werven en te behouden, als om niet-leden die wel sporten aan te trekken.
  • Gezonde clubs hebben significant vaker een goede samenwerking met alle betrokkenen en beschikken over een missie en visie waar iedereen achter staat.
  • In aanbod van activiteiten zien we dat sfeer verhogende activiteiten en klimaat verbeterende activiteiten bijdragen aan een gezonde club. Aanvullend is het goed als het bestuur zich vaker laat zien bij deze activiteiten.
  • Gezonde clubs die het op financieel gebied goed doen, hebben meer reserveringen voor onverwachte uitgeven, maar ook clubs die het goed doen op leden gebied hebben dit goed op orde. Een sluitende begroting en het vinden van nieuwe financiële middelen zijn tevens acties die op orde zijn bij de gezonde clubs.

>> Sportaanbiedersmonitor 2015
>> Sportaanbiedersmonitor 2012

Voorheen heette de Sportaanbiedersmonitor - de Verenigingsmonitor. Deze is voor het laatst uitgebracht in 2009.

>> Verenigingsmonitor 2009

Contact persoon binnen NOC*NSF: Bas.vanderHeijden@nocnsf.nl.