'Het hoeft geen hele baan te zijn'

Topsporters zijn ‘goud op de werkvloer’. Die boodschap klonk tijdens de tweede ontmoeting tussen sporters die willen ‘werken na(ast) je sport’ en poten-tiële werkgevers. De bijeenkomst bood sporters gelegenheid zich via workshops voor te bereiden op zo’n tweede carrière. Aansluitend vond er een ken-nismaking plaats tussen topsporters en topsportvriendelijke werkgevers.

De aftrap voor het gehele project werd gegeven in mei 2008 met de publicatie van een boek onder de gelijknamige titel Goud op de werkvloer. Daarin vertellen topspor-ters over hun ervaringen met de overgang tussen sport en werk en geven werkgevers en bonden hun visie op de mogelijkheden. Bekend zijn de voorbeelden van onder meer Defensie en Politie om topsporters in dienst te nemen die ruimte krijgen voor hun trainingen en wedstrijden en tegelijkertijd een voorbeeldfunctie vervullen binnen en buiten de eigen werkkring.

Na de Spelen van Beijing werd een eerste ontmoeting georganiseerd – in de vorm van een speeddate. Extra aandacht blijft nodig; ondanks goede ervaringen in sommi-ge sectoren moeten veel sporters en werkgevers nog wennen aan het idee dat ze veel voor elkaar kunnen betekenen.

Randstad heeft daarom Bram Ronnes aangesteld als programmamanager. Hij is de spil tussen NOC*NSF, Sport & Zaken en Randstad en adviseert onder meer over de toegevoegde waarde van topsporters voor organisaties. Vervolgens bemiddelt hij bij het creëren van werkplekken voor (oud-)topsporters bij organisaties en het plaatsen van (oud-)topsporters.

De 31-jarige beachvolleyballer noemt zichzelf een goed voorbeeld van een topsporter die de transitie heeft gemaakt naar het bedrijfsleven. ‘Ik heb na de Spelen van Beijing een jaar gebruikt om uit te zoeken wat ik eigenlijk wilde. Tijdens mijn sportcarrière heb ik bedrijfscommunicatie gestudeerd; daarvoor heb ik negen jaar, elf maan-den en zestien dagen nodig gehad, omdat ik alle studieactiviteiten steeds moest inpassen in mijn trainings- en wedstrijdprogramma en topsport eigenlijk niet bestond voor de universiteit – Nijmegen – waar ik studeerde.’

De bijeenkomst vorige maand trok zo’n zeventig sporters. Ze konden eerst kiezen uit workshops over onder meer solliciteren, timemanagement en de vaardigheid van het netwerken. Gestopte sporters ontvingen informatie over de transitie naar een ‘gewone’ werkkring. De vijftien bedrijven en organisaties kregen in een aparte bijeen-komst informatie van werkgevers die al ervaring hebben met het aanstellen van sporters. Veel werkgevers beseffen niet dat het veelal gaat om kandidaten met een hbo-opleiding of hoger die behoefte hebben aan werk of werkervaring.

Na de workshops was er nog een informeel samenzijn. Ronnes: ‘Dat heeft geleid tot een eerste concrete match. Partner in Sport Lotto kwam in contact met een actieve volleyballer. Beide partijen hadden meteen veel vertrouwen in een vruchtbare samenwerking. Ons doel is de komende tijd meer van dit soort matches te presenteren.’

‘Werkgevers zien in dat sporters een toegevoegde waarde hebben en erkennen ook hun competenties. Sporters zijn veelal intrinsiek gemotiveerd, maar hebben wel een gebrek aan werkervaring. Daarvoor willen we binnen dit project ruimte scheppen. Dat vergt goed overleg. HR-managers vrezen vaak dat het aanstellen van topsporters in de praktijk problemen oplevert, omdat de sport altijd voor gaat. Door goede transparante communicatie kan dit worden voorkomen.’

´Onze bemiddeling hoeft niet altijd te leiden tot een hele baan. Je kunt ook denken aan een volledige arbeidsplaats die wordt gedeeld door twee sporters. Of aan stage-mogelijkheden, al dan niet met vergoeding, waar mensen werkervaring kunnen opdoen, zodat de overgang na hun sportcarrière makkelijker wordt.’

Bij het project is ook Sport & Zaken betrokken. Via het brede netwerk van deze organisatie zal worden geprobeerd meer bedrijven ervoor te interesseren om topsporters aan te stellen. ‘We zullen tijdens de Winter Spelen van Vancouver een convenant sluiten met overheid en werkgevers. Het Olympisch Plan 2028 heeft in dit kader als specifieke doelstelling dat er in 2012 structureel honderd arbeidsplaatsen beschikbaar zijn voor actieve topsporters, waarbij de sportbeoefening de eerste prioriteit heeft,’ aldus Ronnes.
‘Nederland telt 800 A- en B-sporters en High Potentials, maar slechts een deel van hen zoekt werk.’

Het boek Goud op de werkvloer verscheen in de reeks Sport en Kennis. Het is verkrijgbaar via www.sportenkennis.nl

Voor meer informatie: 
www.nocnsf.nl