‘We hebben al meer dan 150 km/u gehaald!’

Langebaanschaatser Sven Kramer was de eerste sporter die zeker is van een plaats in het Nederlands Olympisch Team Vancouver 2010. Nadat Kramer in maart van dit jaar zijn naam waarmaakte door wereldkampioen op de 5.000 meter te worden, won hij medio november in Berlijn op dezelf-de afstand ook de eerste worldcupwedstrijd van het Olympisch seizoen.

Omdat Sven Kramer heeft voldaan aan de eisen van NOC*NSF en aan de interne selectienormen van de KNSB, heeft de bond hem voorgedragen voor kwalificatie op de 5.000 meter. NOC*NSF heeft deze voordracht overgenomen. Daarmee was Kramer de eerste Nederlandse sporter die daadwerkelijk zal worden uitgezonden naar de Olympische Winter Spelen van Vancouver 2010. Eind november kwalificeerde Kramer zich ook definitief voor de 10.000 meter.

NOC*NSF heeft in november ook de voordracht van de Bob en Sleebond Nederland gehonoreerd om de viermansbob te kwalificeren voor deelname aan de Olympische Winter Spelen van Vancouver. Het team bestaat uit piloot Edwin van Calker en de remmers Sybren Jansma, Arnold van Calker, Timothy Beck en Arno Klaassen (reser-ve). Zij hebben tijdens de worldcupwedstrijd in Park City (Verenigde Staten) voldaan aan de eisen voor vormbehoud.

Van Calker en zijn team trainen al vanaf 10 oktober in Noord-Amerika en zijn in de maand november eerst in Canada (Whistler) en daarna in de Verenigde Staten (Park City en Lake Placid) geweest. In Whistler hadden de Nederlandse bobbers twee weken de mogelijkheid om op de Olympische baan te trainen.

Van Calker: ‘We konden weinig runs maken op de baan van Whistler, slechts twee per dag, mede doordat wij niet het enige landenteam waren. De eerste week moesten we even wennen. De baan “staat” weer iets anders dan vorig jaar. Hij is nu minder hoekig en sneller. Bij het in- en uitgaan van de bochten moet je iets anders sturen. Dat ging in de tweede week stukken beter. We hebben in de training al meer dan 150 km/u gehaald! Dat is supersnel. Een nieuw snelheidsrecord. Maar in onze sport is snelheid niet allesbe-palend, de goede lijnen in de baan des te meer. Het gevoel voor de Spelen is goed. Maar het blijft een lastige en uitdagende baan, zeker met deze snelheden.’