EK Waterpolo 2012 naar Nederland

Eindhoven is in januari 2012 het kloppend hart van de Europese waterpolotop. De beste landenteams verzamelen zich dan in het Brabantse land voor het Europees kampioenschap. Op voorspraak van de KNZB krijgt het titeltoernooi ook een Olympische status mee. In het Pieter van den Hoogenband Zwemstadion worden de Europese tickets verdeeld voor het wereld OKT, dat in maart/april 2012 wordt gehouden.

Voor de Nederlandse vrouwenploeg ÿ regerend Olympisch kampioen ÿ lijkt het veroveren van een startbewijs voor Londen 2012 een realistische doelstelling. Gezien de moordende concurrentie en de huidige status van Oranje, is dit voor de mannen niet erg waarschijnlijk. Het EK in eigen land geeft de selectie van bondscoach Johan Aantjes wel de boost die ze kunnen gebruiken. De derde plaats onlangs op het EK voor B-landen betekent dat Aantjes en de zijnen de kans krijgen om zich via een kwalificatietoernooi te plaatsen voor het A-EK 2010 in Zagreb.

Of dat lukt of niet, in 2012 zijn de Oranjemannen er zéker bij. Dat is ruim twee jaar na de start van het Nationaal Talentcentrum (NTC) in Utrecht en Zeist. De faciliteiten van het NTC stellen de jonge nationale ploeg in staat om zich fulltime voor te bereiden op de toekomst. Iets wat de vrouwen al jaren doen. 'We jagen een Olympische droom na,' vertelde Aantjes aan de vooravond van het B-EK in september. 'Er is enorm veel talent, maar terugkeren naar de mondiale top gaat niet van de ene op de andere dag.'
Voor de KNZB betekent de toewijzing van het EK 2012 een belangrijke stap op weg naar de mogelijke organisatie van het WK zwemmen (met alle zwemsportdisciplines) in 2017 of 2019. Het binnenhalen van het EK Waterpolo en de mogelijke kandidaatstelling voor het WK Zwemmen passen naadloos in het Olympisch Plan 2028. Een van de doelen is immers Nederland, ook qua organisatie van grootschalige evenementen, op Olympisch niveau te krijgen.

Kees van Hardeveld, technisch directeur waterpolo, schoonspringen en synchroonzwemmen bij de KNZB, zegt daarover: 'We moeten laten zien dat we een perfecte gastheer zijn voor topsporters. Daarom blijven we ons oriënteren op een WK in één of meerdere Nederlandse steden. In welk jaar? Dat bekijken we rustig. In 2019 zijn we echt nog niet te laat. Tijdens het laatste WK, afgelopen zomer in Rome, hebben we gesproken met bestuurders van mogelijke WK-steden. Delegaties uit Eindhoven, Utrecht, Amsterdam en Rotterdam hebben hun ogen in Italië goed de kost gegeven. De bereidheid is groot, maar voordat we tot actie kunnen overgaan, moeten er nog wat obstakels worden overwonnen. Een van de grootste hindernissen vormt de vereiste begroting à vijftig miljoen euro. Toch laat niemand zich hierdoor afschrikken.'