12 dec 2017
Blog Gerard Dielessen: Nu aan de slag…

Rapport 200x280 Onderzoekscommissie seksuele intimidatie en misbruik in de sport

"Men kan natuurlijk zeggen dat woorden maar woorden zijn, maar woorden zijn –mits oprecht- ongelooflijk belangrijk. Nog belangrijker is dat de sportwereld daar meer daden bij voegt. Er kan veel meer worden gedaan om seksueel geweld tegen te gaan".

Aldus de Onderzoekscommissie seksuele intimidatie en misbruik in de sport in haar eindrapport.

Laat duidelijk zijn dat NOC*NSF deze oproep oppakt. De gevolgen van seksueel misbruik en intimidatie zijn voor slachtoffers buitengewoon ingrijpend. Vaak hun hele leven lang. NOC*NSF, de aangesloten bonden en ook de ongeveer 25.000 verenigingen hebben de plicht om met alles wat in hun vermogen ligt seksuele intimidatie en misbruik zoveel mogelijk terug te dringen.

Precies een jaar geleden (december 2016) heeft NOC*NSF, naar aanleiding van een aantal verontrustende misbruikkwesties in binnen- en buitenland besloten om een uitgebreid onafhankelijk onderzoek te doen naar ‘de aard en omvang van seksuele intimidatie en seksueel misbruik in de sport’ en ook te laten onderzoeken of de wijze waarop de sportwereld omgaat met dit onderwerp wel adequaat is georganiseerd.

Inmiddels is de Onderzoekscommissie onder leiding van oud-minister mr. Klaas de Vries en medeleden drs. Clemence van Dorp (o.a. oud-staatssecretaris) en mr. Egbert Myjer (o.a. oud-rechter Europees Hof voor de Rechten van de mens in Straatsburg) klaar. De commissie heeft 42 aanbevelingen en conclusies neergelegd in het rapport. Daaruit blijkt dat de georganiseerde sport een groot aantal initiatieven kan nemen om intimidatie en misbruik terug te dringen.

Of zoals de commissie het zelf formuleert in de rapportage: "het is dringend noodzakelijk om seksuele intimidatie en misbruik in de sport veel actiever tegen te gaan. De grote discrepantie tussen het aantal gevallen van seksuele intimidatie en misbruik, en het geringe aantal meldingen, en het magere effect daarvan, vraagt om een breed scala aan verbeteringen."

Daar ben ik het, na lezing van de rapportage volledig mee eens. Ondanks een veelheid aan reglementen, protocollen, afspraken etc. blijkt uit het rapport klip en klaar dat het voor slachtoffers lastig, zo niet heel moeilijk is om de juiste wegen te vinden naar passende ondersteuning. Bovendien blijkt de hulp, advisering, erkenning en begeleiding niet altijd even adequaat te zijn.

Daarom neemt NOC*NSF in beginsel alle conclusies en aanbevelingen van de Commissie De Vries over. Waar mogelijk zal al op korte termijn een aantal aanbevelingen in acties worden omgezet. Ook zal een plan van aanpak worden gemaakt op basis van de aanbevelingen van de commissie. Dit plan van aanpak zal in mei van het komend jaar aan de algemene vergadering van NOC*NSF worden voorgelegd. Om daar alvast op vooruit te lopen noem ik hier drie onderwerpen die we hoe dan ook gaan aanpakken:

  • Net als in een aantal andere maatschappelijke sectoren (o.a. onderwijs en zorg) zullen we voorstellen om een meldplicht in te voeren. Dat betekent dat verenigingsleden die kennis krijgen van een geval van seksuele intimidatie of misbruik voortaan verplicht zijn dat te melden bij het bestuur van hun vereniging.
  • We zullen de werkzaamheden van het Vertrouwenspunt Sport opnieuw gaan inrichten, waarbij we in ieder geval de verantwoordelijkheid van een vertrouwensadviseur aan de ene kant en de functie van meldpunt willen gaan scheiden om onduidelijkheid en verkeerde verwachtingen van slachtoffers te voorkomen.
  • En ook zullen we er werk van gaan maken om de bestuurlijke verantwoordelijk bij NOC*NSF, bonden en verenigingen voor dit onderwerp verder te vergroten. Een cultuuromslag is hier echt noodzakelijk. ‘Wegkijken’, zoals de commissie het noemt, mag niet meer voorkomen.

Daarnaast ligt een aantal aanvullende maatregelen voor de hand, zoals een regelmatig prevalentie-onderzoek, zodat we in de komende jaren kunnen zien of het aangepaste beleid werkt c.q. moet worden bijgesteld of aangescherpt.

En ook zullen we ervoor moeten zorgen dat slachtoffers meer erkenning krijgen en niet langer drempels ervaren, zodat ze sneller met hun ervaringen, vertrouwelijk, bij de juiste mensen terecht kunnen. En dat alles moet er uiteraard op gericht zijn om daders/plegers verder te ontmoedigen, zodat intimidatie en misbruik uiteindelijk zal worden teruggedrongen.

Gerard Dielessen
Algemeen Directeur NOC*NSF

Lees hier de eerdere blogs van Gerard Dielessen

Weblog

Weblog Gerard Dielessen: Nu aan de slag…

Rapport Commissie De Vries 2 332x269
Deel dit via:

Reageren

Naam
E-mail
Reactie