Marianne Vos WK2013 Getty_Bryn Lennon 150x100 Zorgen over toekomst van de sport

20-05-2014
2. Trots en pijn over financiën

Ze vertelt het met een glimlach. 'Ik heb met trots een begroting voor 2014 met een tekort van 10 miljoen euro gepresenteerd.' Met die ene zin vat penningmeester Anneke van Zanen-Nieberg in feite het hele financiële verhaal van NOC*NSF in 2013 samen.

Bekijk de video 'Loterijen verrijken de samenleving':
 
Het mag duidelijk zijn dat ik het liever anders had gezien. Maar als je in financieel zware tijd de sportbonden nog ruimte kan blijven geven, omdat een verantwoord financieel beleid is gevoerd; dan is er ondanks de pijn ook een glimlach. De trots heeft daarbij ook te maken met eerdere inspanningen om de verdeling van de gelden die via NOC*NSF richting de sport lopen transparant, objectief en evenwichtig te maken. Met aan de ene kant de bundeling van de inkomsten via de Lotto, de subsidie van het ministerie van VWS en het sponsorprogramma Mission (partners en suppliers). En aan de andere kant de uitgaven volgens het bestedingsplan. De penningmeester kon zo in mei 2013 een helder verhaal vertellen, waarbij de tegenvallende opbrengsten uit de Lotto fors noopten tot een neerwaartse bijstelling ten opzichte van 2013 in de middelen die voor de bonden beschikbaar zijn in 2014.

Voor de begroting van 2013 was NOC*NSF uitgegaan van de opbrengsten uit de Lotto uit 2011, wat een topjaar was met iets meer dan 53 miljoen euro. Dat bedrag kelderde in 2012 naar een afdracht van 48 miljoen en 44 miljoen in het afgelopen jaar. Juist voor tijden van dalen heeft NOC*NSF in de jaren van pieken een reserve opgebouwd. 'Daarbij geldt wel de afspraak met de bonden dat deze reserve een omvang heeft die minstens gelijk is aan het bedrag dat het één jaar wordt uitgegeven. De reserve was eind 2012 boven het afgesproken niveau, namelijk 57,6 miljoen.'

Gezien de sterke terugval in Lotto-ontvangsten gaf Van Zanen-Nieberg meteen de waarschuwing mee dat 57,6 miljoen veel geld is, maar dat de bron niet onuitputtelijk is. Voor 2013 is het tekort vanwege de tegenvallende Lotto afdrachten gedekt vanuit de reserve. 'We kwamen alles bij elkaar 11 miljoen te kort en daarvoor hebben we 9,5 miljoen uit de reserve gehaald. Ook voor de begroting van 2014 hebben we de reserve weer keihard nodig, omdat de opbrengsten vanuit de Lotto nog steeds tegenvallen. Naar verwachting zal over 2014 een tekort van 10 miljoen moeten worden gedekt vanuit de reserve, die dan slinkt tot circa 38 miljoen. Duidelijk is dat voor een verantwoord financieel beleid dit niet ongestraft door kan gaan.' Het is bovendien niet in lijn met de oude afspraak met de bonden om de reserve op een bepaald peil te houden.

In de begrote 10 miljoen verlies is reeds rekening gehouden met het besluit om in 2014 vijf procent te korten ten opzichte van 2013, gelijkelijk verdeeld over alle uitgavenrubrieken. Van Zanen-Nieberg: 'Voor 2015 en 2016 zijn we genoodzaakt, gegeven de verwachte inkomsten, om het bestedingsplan van uitgaven verder terug te brengen naar 45 miljoen. En dat doet pijn. Een bezuiniging van nog eens acht procent. Veel bonden, maar vooral hun sporten, hebben het geld hard nodig om te kunnen blijven presteren. Maar ik weet niet wanneer en op welk niveau de teruggang van de Lotto stopt. Ik weet wel dat de reserves snel opraken.'

Onzeker is daarbij ook nog hoe de nieuwe Wet op de Kansspelen (WOK) van staatssecretaris Teeven eruit komt te zien en wat de gevolgen zullen zijn voor de Lotto. Mogelijk komen daardoor de inkomsten van NOC*NSF in gevaar. Van Zanen-Nieberg: 'Ja dat kan. Aan de andere kant maakt dit kabinet duidelijk dat zij sport een belangrijk bindmiddel vindt in een gezonde samenleving. Ik ben ervan overtuigd dat zij dan andere mogelijkheden zal aanboren om de sport tegemoet te komen. Ook het kabinet beseft dat ‘wij veel met sport winnen’.

'Met één tegenvaller verliezen we de wedstrijd nog niet. In de sport bestaat een enorme creativiteit en veerkracht. We slagen er in onze ambitie overeind te houden om bij de beste tien landen ter wereld te horen. Vaak met minder middelen dan de concurrentie, maar met veel energie en creativiteit, dat is mooi om te zien. Het is dus een uitdaging om in deze financieel zware tijden ook op dat front de creativiteit naar boven te halen. NOC*NSF zal daarin een voortrekkersrol kunnen vervullen, maar het zal nadrukkelijk in gezamenlijkheid met de bonden en andere betrokken partijen moeten gebeuren. We zullen alle zeilen moeten bijzetten, om het beste resultaat te halen. Wat dat betreft zijn we door de huidige situatie echt wakker geschud, want als je vier jaar terug had voorspeld dat de Lotto nu op dit niveau zit, had niemand je geloofd.'

Misschien is de sport wel te afhankelijk geworden van de Lotto, dat al meer dan een halve eeuw de grote en betrouwbare geldschieter is. Van Zanen-Nieberg: 'We zijn als sport enorm gebaat bij de Lotto, laten we hen daar in de eerste plaats dankbaar voor zijn. Afhankelijk ook. Maar té? Het is ingewikkeld daarop een antwoord te geven. Klaarblijkelijk is het niet mogelijk onszelf volledig te bedruipen en hebben we de kracht van vele Lottospelers nodig. De situatie van nu roept inderdaad de vraag op of we niet te afhankelijk zijn. Moeten we niet op zoek naar andere verdienmodellen om die afhankelijkheid te beperken? Moeten we ook niet de Lotto beter onder de aandacht van het publiek brengen? Niet alleen via een logo op het shirt van topsporters, maar juist ook via de massa in de breedtesport. Want het besef hoe belangrijk de Lotto is voor de sport, bestaat niet overal.'

NOC*NSF zoekt via het sponsorprogramma Mission naar meer inkomsten uit het bedrijfsleven. 'Dat loopt wel en niet goed. We zien in deze tijd van recessie dat sponsors een scherpere afweging maken. Welke bijdrage moet ik leveren? Wat krijg ik terug? We zien een verschuiving van het doneren van geld naar in kind (het leveren van goederen en diensten) en naar maatschappelijke activiteiten.' In 2013 zijn de cash-inkomsten uit sponsoring teruggelopen van 11,4 naar 9,6 miljoen euro. 'Dat is nog redelijk te noemen, in een tijd waarin alles terugloopt. Maar we willen geen genoegen nemen met deze teruggang. Zeker niet omdat we beseffen dat de sport(bonden) deze bijdragen hard nodig hebben.'

Ze hoort die nood luid en duidelijk. 'Maar daarmee heb ik niet direct meer geld beschikbaar. Ik wil daarbij niet mijn ‘kop’ in het zand steken voor de realiteit, daarom ga ik,' zegt Van Zanen-Nieberg, 'niet meer uit van een jaarlijkse afdracht van de Lotto van rond de 50 miljoen, maar eerder van 40 à 45 miljoen. Ik maak daarbij wel twee plannen. Eén plan die bij de bestedingen uitgaat van die 40 à 45 miljoen en toch ook een plan dat uitgaat van 50 miljoen.’

‘Dit laatste plan moeten we ook klaar hebben liggen, zodat áls er meer geld binnenkomt we niet opeens tijd kwijt raken over de vraag waaraan we het willen uitgeven. Dan moeten we ook snel richting de bonden kunnen handelen. Dat mogen ze van ons verwachten'.

De crux van een goed beheer van de penningen zit volgens Van Zanen-Nieberg in de voorspelbaarheid. 'Dat wil zeggen dat je niet met alle winden meewaait.' Met behoedzaam en realistisch beleid wil ze zoveel als mogelijk de pieken en dalen eruit halen, ook al valt dat in deze tijden niet mee. 'Het is zwaar, bij ons en zeker bij de bonden. Die glimlach van trots over de transparantie en het behoedzame financiële beleid is er dan ook zolang we genoeg reserves hebben. Ik schroom niet deze reserves te gebruiken, maar het is ook mijn
Deel dit via:

NOC*NSF

Twitter Facebook YouTube