Sportkantine en oneerlijke mededinging

NOC*NSF staat achter de afspraken die zijn gemaakt, dat een sportkantine er niet is om privé-feesten van leden van de sportvereniging te laten plaatsvinden. Een bruiloft of een partij dient niet plaats te hebben in een sportkantine, maar bij lokale horeca mits deze aanwezig is. De Drank- en Horecawet en het model bestuursreglement 'Alcohol in sportkantines' zijn hier ook heel duidelijk over.

Echter het moet wel mogelijk zijn voor, tijdens en na afloop van activiteiten (wedstrijden, trainingen, andere activiteiten gericht op leden van de vereniging) de kantine horecafaciliteiten aanbiedt. In goed overleg wordt er met de gemeente afspraken gemaakt over de tijdstippen waarop de kantine open mag zijn.

Lokaal maatwerk is nodig om op een goede manier met de paracommercie-regels om te gaan. Elke gemeente moet de afweging kunnen maken tussen de belangen van de horeca-ondernemers en die van de participatie van burgers aan ideële instellingen zoals sportverenigingen voor wie de horeca inkomsten cruciaal zijn. Factoren zoals het aantal aanbieders en afnemers en de te overbruggen afstanden zijn hierbij relevante aspecten, die niet landelijk meegewogen kunnen worden.

NOC*NSF heeft geen indicaties dat de sportvereniging significant oneerlijke concurrentie veroorzaakt. Sterker nog, vanuit gemeenten bereiken ons eerder signalen dat de aanwezigheid van actieve ideële instellingen zoals sportverenigingen in gemeenten juist een aanzuigende werking hebben in de richting van lokale horeca. Een intensief verenigingsleven maakt een gemeente levendiger en aantrekkelijker.