Montréal 1976

Montréal 1976
Achtergrond
De Spelen van Montreal begonnen onder een ongelukkig gesternte. De bouw van de sportaccommodaties ging gepaard met stakingen, misrekeningen en schandalen. Het hoofdstadion werd zelfs onvoltooid opgeleverd. De tekorten waren enorm en de bevolking van de Canadese stad moest er nog vele jaren voor opdraaien.

De Canadese regering ontzegde de ploeg van Taiwan de toegang tot de Spelen omdat Peking had gedreigd een graancontract met Canada te annuleren als Taiwan onder de naam 'Republiek China' zou mogen meedoen. Dat laatste had het IOC toegestaan.

Peking (de Volksrepubliek China) zelf hield zich overigens al sinds 1948 buiten de Olympische beweging. De Afrikaanse landen eisten van het IOC uitsluiting van Nieuw-Zeeland, omdat het rugbyteam van dat land een tournee had gemaakt door Zuid-Afrika, het land van de apartheid. Maar het IOC kon daartoe niet overgaan, omdat rugby geen Olympische sport was en het Olympisch Comité van Nieuw-Zeeland voor de tournee niet verantwoordelijk kon worden gehouden. Daarop besloten de Afrikaanse landen in Montreal hun biezen te pakken.

Vier jaar na de Palestijnse inval in München was Montreal genoodzaakt het Olympische toernooiveld om te toveren in een vesting, waar de uniformen van 16.000 agenten en 15.000 soldaten, helicopters en wapentuig het overheersende beeld vormden.
Monique Berlioux, de Franse directeur van het IOC, klaagde dat de Spelen van Montreal geen ziel hadden.

Het Oostblok heerst
De Oostduitse dames beheersten het zwemmen (11 van de 13 titels), de atletiek (10 van de 14 titels) en het roeien (vier van de zes titels), maar naar wij inmiddels weten was grootscheeps dopinggebruik niet vreemd aan de opmerkelijke successen.
In dat licht bezien heeft de bronzen medaille die Enith Brigitha achter twee Oost-Duitsen veroverde op de 100 m vrije slag een gouden randje. Brigitha won ook nog brons op de 200 m vrije slag.

De nog maar 14-jarige, maar uiterst koelbloedige Roemeense Nadia Comaneci overtroefde alle Russische sterren in het turntoernooi. Zeven keer kreeg zij het maximum-cijfer tien. Op de vraag na afloop wat haar liefste wens was, zei ze: 'Ik zou nu wel graag naar huis willen'.

Bij de atletiek herhaalde Lasse Viren het kunsstuk van vier jaar geleden: winst op de 5 en 10 km. De Cubaan Juantoreno won 'voor Fidel Castro' de 400 en 800 m.

De succesvolste sportman van deze Spelen was de Russische turner Nikolai Andrianov die op zeven medailles beslag legde, waarvan vier gouden.

Heel wat minder fraai was wat zijn landgenoot Boris Onisjenko uithaalde bij de moderne vijfkamp (paardrijden, zwemmen, schermen, schieten, veldloop). Op het onderdeel schermen worden de treffers elektronisch geregistreerd. Onisjenko had met zijn wapen dusdanig geknoeid dat hij een treffer kon laten aantekenen zonder zijn tegenstander daadwerkelijk te raken.

De Britten hadden het eerst in de gaten dat er iets niet in orde was. Parker wist zeker niet getoucheerd te zijn en toch kreeg hij een treffer tegen. Hij waarschuwde zijn landgenoot Fox om op zijn hoede te zijn. Die overkwam hetzelfde als Parker, waarna de Britten eisten dat het wapen van de Rus zou worden onderzocht. Toen kwam het bedrog aan het licht. De Russische leiding voerde Onisjenko vliegensvlug af. Nederland verwierf maar vijf medailles, waaronder geen enkele gouden. Zilver was er voor de kleiduivenschutter Eric Swinkels en wielrenner Herman Ponsteen op de achtervolging, twee keer brons voor zwemster Enith Brigitha en voor de waterpoloploeg.

De wereld van 1976
De politisering van de Spelen bereikte een hoogtepunt. Voor een groot aantal Afrikaanse landen was het optreden van een rugbyteam uit Nieuw-Zeeland in Zuid-Afrika aanleiding om van het IOC te eisen dat het land Nieuw-Zeeland niet aan de Spelen van Montreal zou deelnemen.

Als argument werd naar voren gebracht dat het team de regels tegen de apartheid had geschonden. Hoewel het IOC benadrukte dat het op beslissingen van afzonderlijke bonden geen invloed kon uitoefenen, hielden de Afrikaanse landen voet bij stuk. Het gevolg was dat ruim twintig landen uit Afrika zich terugtrokken.

Er was nog een verschijnsel dat de aandacht trok en wel de zware bewaking van het Olympisch dorp. Men wenste herhaling van het gebeurde tijdens de vorige Spelen in München tot elke prijs te voorkomen.

De grote legermacht die op de been was gebracht maakte het dorp eerder tot een belegerde vesting dan een ontmoetingsplaats van jonge sportmensen.

Medailleoverzicht

Goud Zilver Brons
1. USSR 49 41 35
2. Verenigde Staten 34 35 25
3. Duitsland (Oost-) 40 25 25
4. Duitsland (West-) 10 12 17
5. Roemenië 4 9 14

21. Nederland 0 2 3

Nederlandse erelijst

Goud (0)

Zilver (2)
Eric Swinkels (kleiduivenschieten, schieten)
Herman Ponsteen (achtervolging, wielrennen)

Brons (3)
Heren waterpoloteam
Enith Brigitha (100m vrije slag, zwemmen)
Enith Brigitha (200m vrije slag, zwemmen)